home
over ons
aanmelden
diagnostiek en
behandeling
publicaties
cursussen
wetenschappelijk
onderzoek
rendementsonderzoek >

ROM

>

multidisciplinaire methodiek

>
kinderziektes >
vrienden van het
Kindertherapeuticum
hoe bereikt u ons
links
voor kinderen
voor verwijzers

Kinderziektes en ontwikkeling


Dit is een samenvatting van het onderzoeksverslag. De volledige versie is in het Kindertherapeuticum te bestellen voor 5,- euro en verzendkosten

Inleiding

De opvatting dat kinderziektes een positieve invloed hebben op de ontwikkeling is een van de argumenten om niet tegen kinderziektes in te enten. Dat ziekteperiodes af en toe nuttig zijn voor de ontwikkeling is een van de redenen om zuinig te zijn met koortsremmende middelen, antibiotica en andere middelen die de ziekte onderdrukken. Op de kinderleeftijd gaat het vooral om infectieziektes met koorts. Er is weinig onderzoek dat een directe aanwijzing geeft voor de juistheid van de bovengenoemde veronderstellingen. Deze berusten eerder op de levenservaring van heel veel mensen, dan op onderzoek.

Aanleiding
Voor mij als antroposofisch werkend kinderarts staat het thema kinderziektes en meer algemeen: het effect van het doormaken van ziekte op de kinderleeftijd centraal. Het gaat daarbij om een uiterlijke en innerlijke motivatie. Uiterlijk: kan ik antwoord geven op de vraag hoe ik weet dat (kinder-) ziektes een bijdrage leveren aan de ontwikkeling. Innerlijk: wat geeft mij het recht om de ouders te steunen in hun wens om hun kind ziek te laten zijn in plaats van zo snel mogelijk beter te maken of beter nog: de ziekte te voorkomen. De MPO bood de gelegenheid om een bescheiden onderzoek te realiseren over deze thematiek.

Werkwijze

Er is gebruik gemaakt van vragenlijsten. Na twee conceptversies in de eigen praktijk te hebben getest, is de definitieve versie ontworpen met hulp van Rozemarijn van Deelen, onderzoekscentrum Helicon. Deze versie is via artsen en verpleegkundigen verspreid onder ouders van antroposofische consultatiebureaus in Groningen, Utrecht, Eindhoven en Maastricht. De ouders vulden een formulier in per kind in een gezin gedurende de wachttijd op het consultatiebureau. Sommigen namen de formulieren mee naar huis en stuurden ze (soms) terug. Er zijn 300 formulieren uitgegeven en 271 terugontvangen. Er zijn gegevens gevraagd betreffende welke ziektes, op welke leeftijd, hoe ernstig (5-punt-schaal, hoogste temperatuur) zijn doorgemaakt en of er veranderingen ten positieve of negatieve zijn waargenomen in relatie met de ziekte. Er was gelegenheid om aanvullende opmerkingen te formuleren.
De vragenlijsten zijn door Theo Huizenga van het Onderzoekscentrum van de Hogeschool Helicon met behulp van SPSS 10.0.7 geanalyseerd. In de bijlagen zijn de vragenlijst te vinden en de relevante tabellen en grafieken
.
Beschouwing

Net als in het onderzoek van Kummer blijkt uit dit onderzoek, dat veel ouders (68%) aangeven dat het doormaken van een ziekte gevolgd wordt door een ontwikkelingsstap. Koorts blijkt daarbij een doorslaggevende factor te zijn. Hoe jonger het kind, hoe hoger over het algemeen de koorts wordt, dus hoe groter de kans op een gedragsverandering. Hoewel geen uitspraken kunnen worden gedaan over de aard van de gedragsverandering, die bij de afzonderlijke ziektes hoort, kunnen uit de gegevens wel trends worden afgeleid. Opvallende uitschieters zijn de ziektes keelontsteking en kinkhoest. De eetlust wordt beter na het doormaken van een keelontsteking. De te verwachten verbetering van de eetlust wordt ook vaak gebruikt als argument om de keelamandelen te laten verwijderen. Dit argument verdient dus heroverweging. Na kinkhoest komen opvallend veel kinderen beter in hun vel te zitten. Verschillende symptomen van ‘alertheid’ geven de richting aan, waarin kinkhoest kan helpen.
De rol van koorts treedt het meest op de voorgrond bij het veranderen van het slaap-waakgedrag. Bij een onregelmatigheid of verstoring daarvan is een kind overdag niet goed wakker, zodat het ’s nachts niet goed kan loslaten. Het gaat bij slaap- waakproblemen dus om de verbinding van de geest met het lichaam. Juist die verbinding wordt door koorts verstevigd.

Conclusie

De resultaten het voorliggende onderzoek kunnen leiden tot de volgende conclusies.
De ouders van kinderen die een kinderziekte doormaken berichten in meerderheid dat hun kinderen er na de ziekte in hun ontwikkeling op vooruit zijn gegaan. De doormaken van de ziekte als zodanig levert een bijdrage aan de ontwikkeling; hoe hoger de koorts bij de ziekte, hoe vaker de verandering wordt genoemd.
Over de specifieke bijdrage van de afzonderlijke ziektes aan de ontwikkeling kunnen geen uitspraken worden gedaan, gezien de kleine getallen. Wel is duidelijk dàt er verschillen zijn in de door de ouders aangegeven gedragsveranderingen bij de verschillende ziektes. Daarin zijn trends waar te nemen.
Samengebracht met de resultaten van onderzoeksresultaten en beschrijvingen uit de antroposofische litteratuur is het mogelijk om, in plaats van een duidelijke oorzaak-gevolg-relatie, de volgende hypothese te formuleren.
Voor ontwikkeling is verandering nodig. Verandering betekent: het oude (ten dele) opgeven ten gunste van het nieuwe. De ontwikkeling van kinderen en de bijbehorende veranderingsprocessen betreffen niet alleen gedragskenmerken, maar ook biologisch -lichamelijke processen. Ontwikkeling is een discontinu proces. In de fase voor een ontwikkelingsstap voelt een kind zich niet goed. Het steekt niet goed in z'n vel, zoals ouders dat formuleren. Een ziekte bewerkstelligt een voorbijgaande fase van biologische ontregeling, waarin de verandering kan worden gerealiseerd. De ziekteperiode markeert de ontwikkelingsstap en maakt die mogelijk. Nadien is een kind niet zonder meer "de oude", maar in fysiologie en gedrag veranderd. Koorts als aspecifiek ziektesymptoom levert een aspecifieke bijdrage aan het veranderingsproces. Meer specifieke, aan een specifieke ziekte gebonden symptomen zouden getuigen van een specifiek veranderingsproces. De bijdrage aan de ontwikkeling kàn per ziektebeeld verschillen.

Aanbeveling

De trends die zich in dit onderzoek aftekenen kunnen onderzocht worden door het onderzoek uit te breiden. De vragenlijst bevalt goed, dus met weinig moeite en kosten kunnen opnieuw vragenlijsten worden verzonden naar de antroposofische consultatiebureaus. Er zijn zeker nog ouders die aan het onderzoek mee willen doen. Er zouden zo veel vragenlijsten moeten worden verzameld, dat er over de invloed van de afzonderlijke kinderziektes uitspraken kunnen worden gedaan.



terug naar boven
Voor meer informatie over deze onderwerp, kies hieronder literatuurlijst
> Literatuurlijst kinderziektes
en ontwikkeling

vacatures | sitemap | colofon....